Psychotrauma

Blootstaan aan of getuige zijn van een ingrijpende gebeurtenis kan leiden tot het ontstaan van psychotrauma (psychischletsel). Er vormt zich een blijvende psychische wond van ‘oudzeer’. Directe of indirecte herinnering aan de ingrijpende gebeurtenis activeert, ook na vele jaren, het ‘oud zeer’. De herbeleving van de ingrijpende gebeurtenis voelt alsof deze weer plaatsvindt. De klachten presenteren zich meestal in de vorm van een angststoornis, met vaak de volgende symptomen:

a. Het ongewild herbeleven van de ingrijpende gebeurtenis in de vorm van nachtmerries, flashbacks, intrusies (opdringende akelige herinneringen).

b. Het actief vermijden van de herinnering aan de ingrijpende gebeurtenis door situaties, gedachten en gevoelens die in verband kunnen worden gebracht met de vroegere gebeurtenis te vermijden.

c. Het passief vermijden van de herinnering aan de ingrijpende gebeurtenis in de vorm van het zich niet herinneren van (aspecten van) de gebeurtenis, het gevoel weinig toekomst te hebben, het gevoel van anderen vervreemd te zijn.

d. Een verhoogde prikkelbaarheid in de vorm van verhoogde waakzaamheid, schrikachtigheid, roekeloos gedrag, woede uitbarstingen.

Er kan ook sprake zijn van een psychotrauma gerelateerde fobie zoals een tandarts-, injectie-, paniek-, braak- of stikfobie.

De klachten kunnen het dagelijks functioneren en de persoonlijke ontwikkeling ernstig schaden.

Bovengenoemde klachten leiden vaak tot bijkomende klachten als concentratieverlies, uitputting, depressie, hyperventilatie, paniekaanvallen, verstoorde relaties, gebrek aan zelfvertrouwen, zelfbeeld beschadiging (zich schuldig voelen, zich niet de moeite waard voelen), overmatig alcohol-, drugsgebruik en velerlei lichamelijke klachten.